Babyface feat. Stevie Wonder – How come how long

Ik beken het… ik heb een zwak voor de mondharmonica… Tot
tranen toe geroerd kan ik zijn als ik die melancholische klanken hoor. Bij Baantjer
schoot ik vroeger al vol als ik de begintune hoorde. En dan had ik het lijk nog
niet eens gezien.
Heerlijk vond ik het! Geef die mondharmonica dan ook nog
eens aan Stevie Wonder en zet daar vervolgens een van de grootste producers uit
de negentiger jaren naast en je kunt me wegdragen.
Toen ik kennis maakte met het nummer ‘How come, how long’ was ik dan ook direct
verkocht. En nog steeds vind ik het een van de meest indrukwekkende nummers die
ik ooit heb gehoord.
Het duet met Stevie Wonder gaat over huiselijk geweld en was
geïnspireerd op de moord op Nicole Brown. Zij was de voormalige vrouw van
ex-American football-speler O.J. Simpson en was het slachtoffer in een proces
dat elke Amerikaan live vanaf de bank kon volgen. Daardoor sijpelde het nieuws af
en toe ook door in de Nederlandse huiskamers. Het was echter ook een proces dat
in de Verenigde Staten de tegenstellingen tussen blank en zwart weer eens flink
op scherp zette. Dit vanwege vermoede fraude met het bewijsmateriaal tegen O.J.
Simpson. De jury sprak hem om die reden in eerste instantie ook vrij. Maar drie
jaar later besliste een rechter alsnog in zijn nadeel.
How come, how long
werd een wereldwijde hit. Het was ergens ook wel bijzonder. Want het gebeurde
niet vaak dat Kenneth Brian Edmonds, ofte wel Babyface, zélf een plaat
uitbracht. Hij schreef en produceerde liever platen voor anderen. Hij had al
grote successen geboekt met 90’s iconen TLC en Toni Braxton. Maar de
overproductieve Babyface schreef ook voor veel andere artiesten. Zo mocht hij
bijvoorbeeld ook Whitney Houston, Madonna en Michael Jackson tot zijn
klantenkring rekenen. Iedereen wilde met de man samenwerken.
De unieke samenwerking tussen Babyface en Stevie Wonder bleef
ook niet onopgemerkt in Nederland. De single kwam in één klap binnen in de top
10. Iets dat tegenwoordig elke nitwit met een beetje marketingapparaat lukt,
maar destijds echt nog vrij uitzonderlijk was. Het nummer steeg uiteindelijk door
naar de tweede plaats in de Top 40. Een prestatie dat het mede te danken had aan
de clip. Want die was al even pijnlijk indrukwekkend als het liedje zelf. Met
een verrassend einde!

De platenkast van mijn vader – Ekseption – Beggar Julia’s time trip

Ik heb onze kinderen altijd voorgehouden: “Je bent pas
volwassen als je voldoet aan drie criteria; je drinkt koffie, je eet oude kaas
én je houdt van klassieke muziek”. Aan de hand daarvan moet ik vaststellen
dat ze, nog, niet zover zijn. Ben ik daarin teleurgesteld?

Neen! Met name de klassieke muziek is ze nou niet bepaald met de paplepel
ingegoten. Wellicht is dit het platform om, met terugwerkende kracht,
dit manco op te vullen. Met als bijkomend voordeel dat de “post
adolescenten” onder ons er ook nog wat aan hebben.
Om jullie niet meteen in “het diepe” te gooien
beperk ik me tot een tweetal stukken, bewerkt door Ekseption. Scheelt me een
hoop traplopen en het gesjouw van extra kaarsen. Toevalligerwijs maakte deze groep ook een sprong in de tijd
met het conceptalbum “Beggar Julia’s Time Trip”. Het album verbeeldt
de reis van een vrouw uit het jaar 900 door de tijd van toen naar het heden. 
Nou, met een beetje geluk kom ik haar nog eens tegen. Rond 1600 of zo! Toen componeerde, volgens de overlevering, Tomaso Albinoni het Adiago voor
orgel en strijkers. Maar wij gaan voor Ekseption!
En als bonus Ekseption met Peace Planet oftewel Badinerie From Suite No 2 In B van Johann Sebastian Bach:
De originele versies kun je natuurlijk zelf downloaden. Wel
eerst je broodje oude kaas wegspoelen met een slok koffie!

B*E*D – Welles (verliefd geweest)

Na grote hits te hebben gescoord met Falco (Rock me amadeus)
en Status Quo (In the army now) besloot het succesvolle producersduo Bolland
& Bolland zich eind jaren ’90 op het serieuzere werk te richten.
Geïnspireerd door de populariteit van buitenlandse boybands als Take That bracht
het tweetal in 1995 de eerste Nederlandstalige jongensband bij elkaar.
De boyband kreeg de naam B*E*D en bestond uit drie jonge
twintigers. Ze maakten hun debuut in een TV-show van Peter Jan Rens. In die
show werd hun single ‘Voor jou (ik spring van de hoogste berg)‘ voor het eerst gepresenteerd in smakelijke
houthakkersbloesjes. Het concept bleek geslaagd: in korte tijd hadden ze vele
huilende pubermeisjes aan hun voeten liggen.
Hun grootste hit moest toen nog komen: ‘Welles (verliefd geweest)’ bereikte de Nederlandse Top 40 maar het
aantal bakvisjes bleek helaas niet voldoende om het een grote hit te laten
worden. Verder dan de twintigste plaats kwam het liedje niet. De opvolger ‘1000 jaar (ga als je weg moet gaan)‘ schopte het niet veel verder. Het bleef steken op de 30ste plaats.
Wegens uitblijvend succes werd de band opgeheven in 1999.
Maar in 2003 wilden twee van de drie heren graag een comeback maken. En hoe speel
je je beter in de kijker dan via het Nationale Songfestival? De naam B*E*D werd
tijdelijk terzijde geschoven en de twee probeerden met backing vocals van songfestivalveterane
Mandy Huijdts (Frizzle Sizzle – Alles heeft een ritme) als A-Teaze de finale te
bereiken. Helaas voor hen sneuvelden ze al in de voorronde.
In 2005 probeerden ze het nogmaals, maar dan weer als trio
onder hun oude, vertrouwde naam. De single die voor nieuw succes moest zorgen
heette ‘Meissie’. Zelf haastten ze zich te zeggen dat de comeback niet al te
serieus moest worden genomen. En daar deden ze dan ook alles voor: de songtekst
blonk nou niet bepaald uit in de spitsvondigheid (‘Meissie, je bent de nummer 1
op mijn lijssie, ik lik je af als een ijssie’) en in de clip bij het nummer
lieten zij zich – zichtbaar nét iets te oud – omringen door net iets te jonge
meiden. De gewenste comeback bleef dan ook uit.

Alien Ant Farm – Smooth criminal

Normaal gesproken betekende het als band je doodvonnis: een
nummer coveren van Michael Jackson en het vervolgens op single uitbrengen. De
populariteit van The King of Pop was toen, en is nog steeds immens. Grote bands
waagden zich er niet aan en als jij als beginnende band het in je hoofd haalde
om ook maar te probéren met een bewerking van een van Zijn hits geld te
verdienen, maakten de critici gehakt van je. De kans dat je het niveau wist te
evenaren was namelijk nagenoeg nihil, laat staan dat je het zou kunnen
overtreffen.
De enige nog een beetje geaccepteerde manier was het nummer volledig
uit zijn context rukken. En dat was precies wat Alien Ant Farm deed. Zij veranderden
het opzwepende dansnummer ‘Smooth Criminal’ in 2001 in een ruige rockplaat. Een
schot in de roos: het werd een wereldwijd succes.
Als parodie was het zeker niet bedoeld, want de zanger van
Alien Ant Farm was een groot bewonderaar van Wacko Jacko. De clip was ook doorspekt
met  verwijzingen naar de roemruchte
popartiest: de voor ‘Smooth criminal’ kenmerkende anti-gravity lean en de
oplichtende tegels uit ‘Billie Jean’, maar ook chimpansee Bubbles (inclusief
luier) gaf acte de présence in de clip.
De cover betekende de doorbraak voor Alien Ant Farm. Een
band, die zijn naam dankte aan het idee van hun gitarist over aliens en de
aarde: “Wouldn’t it be cool if the
human species were placed on earth and cultivated by alien intelligence? Kind
of like what a kid does with an ant farm.
” Een band ook, die overigens
helemáál geen last had van sterallures. Hun debuutalbum kreeg de naam ‘Greatest
Hits’. En hun tweede album heette ‘ANThology’, naar de bloemlezing van niet
eerder uitgebrachte nummers van The Beatles, die enkele jaren eerder was
uitgebracht.

Hoewel de band daarna met name in de Angelsaksische landen
nog wél hits scoorde, was ‘Smooth criminal’ in Nederland uiteindelijk hun enige
succes. De opvolger ‘Movies’ haalde ondanks de grappige clip de vaderlandse
hitparade niet.

Charly Lownoise & Mental Theo – The bird

Het was een vreemde gewaarwording in 1995. Ik zou toch
zweren dat ik die week ervoor al de nieuwe van Charly Lownoise & Mental
Theo had gehoord. Maar nu opeens, een week later, kondigde Top 40-presentator Erik
de Zwart wederom een nieuwe single van het happy hardcore-duo aan.
Ik pakte het Top 40-blaadje erbij. Hoe kon ik dít nou gemist
hebben? Ik, Charly & Theo-fan vanaf het moment dat hun eerste single Live
at London nét niet de Top 40 haalde, had niet opgemerkt dat er naast ‘Together in Wonderland’ nóg een single was uitgebracht? Het nummer klonk ook heel anders
dan wat ik van hen kende. Een op zijn minst vréémd begin, weinig melodie, geen
‘happy’ vocalen en een bizar einde. Klopte het überhaupt wel?
Het bleek echt te kloppen. Het vorige platenlabel van de
heren had namelijk besloten dat het ook wel een graantje wilde meepikken van het
gigantische succes dat het duo na ‘Wonderfull days‘ had. Ze vonden nog een oud
singletje en brachten dat in een remix uit.
Een remix was ook wel nodig, want de eerder uitgebrachte versie stamde uit hun early hardcore-periode en was zeker niet geschikt voor de
vaderlandse hitparades. Maar deze remix deed het niet onaardig. Een top
10-notering zat er niet in maar het nummer bereikte een verdienstelijke 14de
plaats.
The Bird was een bewerking van het rare nummer waarmee
surfband The Trashmen in 1963 een hit scoorde in de Angelsaksische landen. The
Trashmen hadden daarvoor op hun beurt weer leentje buur gespeeld bij The
Rivingtons. The Trashmen voegde twee nummers van hen samen tot ‘Surfin’ bird’.
Een nummer dat overigens ook de kickstart betekende voor de
carrière van een bekende Nederlandse komiek. Als 17-jarige bandparodist plakte
André van Duin allerlei liedjes en citaten achter elkaar om zijn act uiteindelijk
af te sluiten met… Surfin’ bird. En de rest is geschiedenis…