Prodigy – Smack my bitch up

Het was zo’n video die alleen maar na 23.00 uitgezonden
mocht worden. Zo’n clip die in het preutse Amerika en in het nog preutsere
Engeland direct van de televisie verbannen werd. En het was niet alleen de
titel die voor zoveel controverse zorgde.
Nee, de titel ‘Smack my bitch up’ sprák al niet bepaald van
vredelievendheid of van respect voor de vrouw, maar de clip ging nog even een
stukje verder. The Prodigy zoog ons door de ogen van de hoofdpersoon mee in de
donkere kant van het uitgaansleven van Londen, Engeland. Flinke glazen drank,
een snuifje cocaïne, nog meer drank, hier en daar een aanrandinkje en en
passant een paar rake klappen uitdelen. Een dolle boel… Nog een stevige vrijpartij
met een stripper en dan… het verrassende einde.
En ja… Gegarandeerd dat je dan in die tijd een hit te pakken
had op MTV. Het nummer werd zo massaal aangevraagd dat de Engelse muziekzender
zwichtte: ondanks de ban begonnen ze de clip toch weer uit te zenden, maar dan
wel voorafgegaan door een MTV news
warning
. Het had geen invloed op de populariteit van de clip. The Prodigy won
er zelfs nog twee MTV Music Video Awards mee.
In de ranglijsten deed het nummer het lang niet zo goed.
Slechts vier weken stond de single in ons eigen land in de Top 40 met als hoogste
positie plaats 17. Maar het liet wel een duidelijke voetafdruk achter in de
muziekgeschiedenis.
Het was het laatste échte succes van The Prodigy. Nog één
nummer bereikte daarna de nationale hitlijst maar na twee weken hekken sluiten
hield de plaat het voor gezien. Maar… afgelopen jaar waren ze voor het eerst te
horen in de Top 2000. Niet met dit nummer, maar met hun grootste hit Firestarter (#901) en het nummer dat hun doorbraak betekende: Out of space (#1433).

Chef – Chocolate salty balls

Telkens als ik dit nummer hoor denk ik: wat zou het grappig
zijn als ik dit recept écht een keertje zou maken: Chef’s chocolate salty
balls. Maar helaas… iemand was me al voor. En het blijkt nog lekker te
zijn ook.
Denk niet in plaatjes. Wetende dat de Afro-Amerikaanse Chef
een populair personage was uit de eerste series van South Park zou je bij zijn
chocolate salty balls namelijk aan hele andere dingen kunnen denken. Zeker gezien zijn overvloedige,
maar op zijn minst ongepaste adviezen over relaties en liefde aan South Park-‘children’
Eric, Kyle, Stan en Kenny. De kok doet met zijn ‘recipe for love’ ook niet heel
erg zijn best om dit imago te veranderen.
Soulzanger Isaac Hayes was de stem achter Chef. Hij zong ook de grote hit die afkomstig was van het album ‘Chef Aid: The South Park Album’. Op deze soundtrack gaven ook grote namen als Elton John, Wyclef Jean en Meat Loaf acte de présence. ‘Chocolate salty balls’ was echter de grootste hit en behaalde in Nederland de 6de plek in de Top 40.
De
samenwerking tussen de programmamakers en Isaac Hayes werd echter beëindigd na een
South Park-aflevering waarin Scientology-aanhangers Tom Cruise en John Travolta
belachelijk werden gemaakt. En laat Isaac Hayes op dat moment nou óók een
aanhanger zijn van deze ‘religie’…
Met het vertrek van Isaac Hayes zat er niets anders op: Chef
moest sterven. En dat gebeurde in The Return of Chef. Maar Chef is dan al
lang Chef niet meer. Hij is gehersenspoeld door een clubje dat zich ‘The
Adventure Club’ noemt en de kok heeft inmiddels het brein van een
kinderverkrachter.
Als hij een touwbrug oversteekt om bij het clubhuis van zijn
‘broeders’ te komen, wordt de overspanning getroffen door de bliksem. Meters
valt Chef naar beneden… waar hij eindigt als feestmaal voor een bergleeuw en
een grizzlybeer. Hij komt nog één keer terug, als Darth Chef, maar daarna is het afgelopen. Ook Isaac Hayes is inmiddels niet
meer. Hij overleed in 2008 op 65-jarige leeftijd.

The KLF – Justified and ancient


Het was een memorabel afscheid: op de Brit Awards verrasten
zij in 1992 hun fans onaangenaam met een hardcore heavy metal-versie van een
van hun grootste hits om vervolgens een mitrailleur met losse flodders boven
het publiek leeg te schieten. En als dat statement niet over was gekomen,
stuitten de overgebleven fans die zich toch naar de afterparty waagden, op een
karkas van een dood schaap met de tekst: “I died for you, bon appetit.” The KLF
was er klaar mee!
Nou waren de twee heren achter The KLF altijd al een beetje
anarchistisch aangelegd geweest. Bij het uitbrengen van hun eerste plaat hadden
ze al ruzie met hitmachine ABBA. In hun 1987
(What the f*ck is going on)
hadden ze namelijk ongevraagd gebruik gemaakt van
samples van die band. Dat werd hen niet in dank afgenomen. The KLF reisde nog
wel naar Zweden voor een goed gesprek, maar het mocht niet baten. Ze werden
zonder pardon door ABBA het pand uitgeflikkerd.
Maar ze lieten zich niet zomaar afpoeieren. Het album werd
alsnog uitgebracht. Zonder de gewraakte samples maar mét een handleiding om het
album toch nog van de benodigde samples te voorzien. En ook literair lieten ze
van zich horen. Ze schreven een boek ‘How to have a number one the easy way’.
En het scoren van een nummer-één hit bleek inderdaad een
makkie. Dat bewees de Oostenrijkse formatie Edelweiss. Zij volgden exact de
stappen uit het boek en behaalden met een bij elkaar gejat jodelnummer in
diverse Europese landen de hoogste positie. En voor wie het zich afvraagt: ja…
ook in Nederland gooiden ze hoge ogen.
Je zou bijna vergeten dat The KLF zelf ook de nodige hits op
haar naam heeft staan. Maar hoewel ze al halverwege de jaren ’80 aan de weg
timmerden braken ze pas in 1990 door met de single 3 AM eternal. Met Last train to Trancentral kregen ze echter definitief voet aan de grond. Verrassend,
want het nummer was al twee keer eerder uitgebracht en had beide keren niet het
gewenste succes gebracht. Wat ook verrassend was, was hun derde hit. Ze doken
in hun platenkast, vonden een uitgerangeerde countryzangeres die tot dan toe
vooral bekend was van Stand by your man
en bezorgden haar, vlak voordat zij Sara zag, de grootste hit van haar carrière
met Justified and ancient.

De platenkast van mijn vader – Buffalo Springfield – Expecting to fly

Zo, we zijn weer terug op aarde. Zo’n ruimtereis is
natuurlijk wel leuk, maar geef mij maar mijn oude vertrouwde trappenhuis!
Gelukkig, de kaars brandt nog, dus niks houdt ons tegen af te dalen naar het
jaar 1967. De band Buffelo Springfield, met als animators Neil Young en Stephen
Stills, zag toen het daglicht hetgeen vooral in Amerika nogal wat stof deed
opwaaien.
Maar, zoals het een supergroep betaamt, was na twee jaar de
“liefdeskoek” op, mede dankzij het fenomeen “botsende
ego’s” en vervolgde ieder weer zijn eigen weg. Mét als nalatenschap
onderstaand pareltje. Een nummer dat in Nederland overigens pas later de
waardering kreeg waar het recht op had.

Dat Neil Young en Stephen Stills elkaar weer tegenkwamen in
een andere supergroep mag als een understatement worden beschouwd.

Patrick Jumpen – Holiday

Het was eind 2006. Happy hardcore was nog officieel dood en
het commerciële hardhouse-succes van Wildstylez was nog ver weg. We bevonden
ons in een vacuüm voor wat betreft de hardere dansstijlen. Totdat Jeckyll &
Hyde zich meldden in de Tipparade. Mede dankzij de ingenieuze clip bij hun
nummer Frozen flame, sloeg Nederland
massaal aan het jumpen. Discotheken stonden bol van jumpende jongeren. De
tweede single van Jeckyll & Hyde, Freefall,
werd door het enorme succes dan ook direct opgepikt en stond na amper twee
weken op één.
En toen stond het duo Patrick Jumpen op. Patrick en Dion uit
metropool Dommelen zagen een grote toekomst voor de nieuwe
dansstijl. Het was een stijl die muziekgeschiedenis zou gaan schrijven. Sterker
nog, de wereld zou nooit meer hetzelfde zijn en zij, ja zíj zouden de
vaandeldragers worden van dit muziekgenre! Gesteund door good old Flamman &
Abraxas begonnen ze aan hun missie. En ze hadden succes. Met hun
instructievideo’s waren ze lange tijd de best bekeken artiest op Youtube en de
DVD’s die zij uitbrachten gingen als warme broodjes over de toonbank.
Maar ja… Je gaat als vooraanstaand A-artiest natuurlijk niet jumpen
op andermans muziek. Dus sloegen ze zelf aan het fröbelen in hun studiootje met
als eindresultaat het singletje Holiday. Er was echter geen radiostation dat de
plaat draaide en ook op TMF werd hij volledig genegeerd. Maar boegbeeld Patrick
had daar schijt aan. Hij had geen TMF of 538 nodig.
En hij kreeg natúúrlijk gelijk. Hun plaat kwam binnen op 18 in
de Nederlandse Top 40 en steeg door naar plaats 5. En toen ze vervolgens ook
nog op rockfestival Lowlands de voetjes van de vloer wisten te krijgen was het
toch gewoon duidelijk: niemand stond hun supersterstatus nog in de weg.
Maar… ondertussen liep de interesse in jumpen terug. Een
klein dipje natuurlijk. Immers: jumpstyle was ‘here to stay’. Het zou slechts
een kwestie van tijd zijn voordat gans Nederland zich weer jumpend naar hun
boekingskantoor zou begeven. In 2012 vonden ze dat het toch wel heel erg lang
duurde. En dus besloot Patrick zelf zijn absolute A-status uit te nutten door
een boek te schrijven: The star within. Voor het bescheiden bedrag van $ 90
vertelde hij in steenkolenengels hoe jij in 7 stappen een ster kon worden in de
muziekindustrie.
Het was vreemd, maar er werd amper een exemplaar
van verkocht. Afgezien van een paar reviews is het inmiddels ook niet meer
terug te vinden op internet. En sinds december 2013 lijkt Patrick zelf ook helemaal
van de aardbodem verdwenen. Tot grote verrassing van het handjevol fans dat hij
toen nog had werden zijn instructiefilmpjes opeens compleet gewist van het
internet. En hijzelf? Vermoedelijk naar dat eiland met al die andere mythische
muziekgrootheden.