Han van Eijk – Leef!

Nederland was in rep en roer toen John de Mol in 1999 de
plannen voor een nieuw televisieformat presenteerde. Het format kreeg de naam Big Brother en het idee was om een groep mensen 100 dagen op te sluiten in
een huis en ze dan 24 uur per dag te volgen met camera’s.
In journaals, actualiteitenprogramma’s en talkshows
schreeuwden experts om het hardst dat het een slecht idee was om mensen zolang
compleet van de buitenwereld af te sluiten. Dat kón niet anders dan tot
langdurige psychische en emotionele schade leiden. En ook de smaakpolitie
bemoeide zich ermee. Want het was natuurlijk verschrikkelijk ordinair. Een
beetje naar mensen gluren die de hele dag in dat huis rondhingen. Dat was toch
geen TV?!
En John de Mol lachte in zijn vuistje. Het programma had inmiddels
zoveel stof doen opwaaien en zoveel röhring veroorzaakt dat de kijkcijfers door
het dak schoten. Het begon met een bescheiden 1,1 miljoen maar eindigde
uiteindelijk op 3,5 miljoen kijkers op de finaleavond. Om nog maar te zwijgen
van het enorme internationale succes van het format. Het werd maar liefst in 58
andere landen uitgezonden. En ook de vele spin-offs die zouden volgen lieten
bij John de Mol de kassa rinkelen.
Het was in 1999 hét gesprek bij de koffieautomaat. Iedereen
leefde mee met de bewoners. Uiteraard ‘Effe Knuffele’ Ruud, die matennaaier van
een Willem maar natuurlijk ook Bart en Sabine. Je weet wel, die twee die tijdens
het programma met elkaar het bed in doken en heel Nederland mee lieten genieten
van hun escapades. Alhoewel, escapades. Een beetje gerommel onder de dekens.
Maar destijds genoeg om televisiekijkend Nederland massaal te laten
inschakelen.
En dan was er nog die titelsong. Leef van Han van Eijk. Iedereen kon het woordelijk meezingen. Een
onverwacht groot succes voor de liedjesschrijver die tot dan toe eigenlijk
alleen maar muziek maakte voor jingles, commercials en leaders voor andere
TV-programma’s. Mede dankzij het succes van ‘Big Brother’ scoorde hij opeens
een nummer één-hit. Samen overigens met de bewoners van het Big Brother-huis
die op de B-kant stonden met het Big Brother-lied. Een bewerking van het nummer Big city van Tol Hansse.
Daarna verdween Han van Eijk weer snel naar de plek waar hij
vandaan kwam: de achtergrond. En de Big Brother-deelnemers? Van maar weinig is
bekend wat ze nu doen. Bart is programmamaker en schrijft columns, Ruud
schnabbelt na vele celebrity-shows af en toe nog wat bij en de wat minder
bekende Tara doet na meerdere Playboy-fotoshoots iets in de soft-erotiek. Maar
de meesten zullen tóch herinnerd worden van het spraakmakende programma. Net
als Han van Eijk overigens.

t.A.T.u. – All the things she said

Het was 2002 toen ik voor het eerst hoorde van t.A.T.u. Het
klonk mij niet bijster interessant in de oren. Vrouwen met gitaren… En dan ook
nog uit Rusland… Het enige goede dat tot dan toe uit dat grote, verre land was
gekomen was PPK. Maar dat was een danceact. En toen ik All the things she said hoorde vond ik het best wel aardig, met
zo’n grappig synthesizer sampletje, maar ik voelde niet dezelfde opwinding die
de vele anderen kennelijk wél voelden.
Tótdat ik de clip zag. Twee knappe, jonge meiden in schooluniformen
die in de stromende regen uitgebreid met elkaar aan het zoenen waren. Mijn
puberhormonen waren duidelijk nog niet volledig uitgeraasd want de
maatschappijkritische boodschap in de clip ontging mij volledig. Ik kon alleen
maar kijken naar die twee Russische schonen die zo druk met elkaar bezig waren.
En prompt werd het met twee sms’jes mijn meest aangevraagde nummer bij The Box.
Of het nou kwam door die clip, hun lesbische imago of omdat
het écht een goed nummer was… De single werd een wereldwijde hit. In vele
landen bereikte t.A.T.u. zelfs de eerste plaats. Nederland hoorde overigens niet
bij die landen. Wekenlang bezetten zij ‘slechts’ de tweede plaats. Geen schande
natuurlijk als je zo’n muzikaal monument als The Ketchup song voor moet laten gaan. Hun tweede single Not gonna get us deed het iets minder maar
behaalde toch nog een twaalfde plaats in de Top 40.
Met de wereldwijde successen in hun achterzak werden zij in
2003 door Rusland afgevaardigd naar het Eurovisie Songfestival. Iets dat je je
nu niet meer kunt voorstellen. Een lesbisch duo als vertegenwoordiging van het
homofobe Rusland. En dat terwijl Poetin toen óók al aan de macht was.
Hun nummer How soon is now behaalde een nette derde plaats. t.A.T.u. claimde dat dit hoger zou
zijn geweest als de Ieren hun telefonie op orde hadden gehad. Een grote storing
bij de Ierse telecommaatschappij zorgde er namelijk voor dat niet het publiek
maar een vakjury uiteindelijk de punten uitdeelde. De Russische inzending kreeg
geen enkel punt terwijl zij op dat moment wél de Ierse hitlijsten aanvoerden
met dat nummer. Het land tekende nog bezwaar aan maar kreeg nul op het rekest.
Na hun deelname aan het songfestival verdween het duo
langzaam van het mondiale toneel. Ze maakten nog wel muziek maar verder dan de
grenzen van hun thuisland kwam dat niet. Nog één keer traden ze op voor het oog
van de wereld: voor de openingsceremonie van de Olympische Winterspelen in
Sotsji in 2014. Een vrij goedkope poging van de Russische president om alle
ontstane controverse rond zijn LBGT propaganda-wet en het vele anti-homogeweld
weg te nemen. Al beweerde de organisatie van de Spelen bij hoog en bij laag dat
het daar níets mee te maken had.

Interactive – Forever young

Het was maar goed dat ik in 1992 nog niet zoveel radio
luisterde. Want anders had ik het op mijn twaalfde gewoon zonder enige vorm van
gêne meegezongen: Dildo van
Interactive. Simpele tekst, lekkere beat, goede sound: het was in mijn hoofd
gaan zitten en was er waarschijnlijk op de meest onmogelijke momenten
uitgekomen. In de stad met mijn ouders, in de supermarkt in de rij voor de
kassa, op de verjaardag van Oma…
Het was de Duitse variant van het alom geliefde maar ook zo verguisde
Poing van Rotterdam Termination
Source. En het werd nog een hit in Nederland ook. Het nummer reikte tot de
21ste plaats in de Top 40.
De twee heren achter Interactive waren Ramon Zenker en Jens
Lissat. Ze hadden al eerder de smaak van commercieel succes mogen proeven. In
1991 stonden zij in de Duitse en Zwitserse hitparades met het early house-plaat
Who is Elvis?
Maar na het gepionier in de house gooide de band het over
een hele andere boeg. Tot ieders verrassing kwamen ze in 1994 terug in de
hitparades met een happy hardcore-nummer: Forever
young
. De remix van de klassieker van Alphaville scoorde goed. In Nederland
werd het zelfs een grotere hit dan het origineel. En nog steeds is het een
nummer waarbij op vele 90’s party’s met veel plezier een hakje gewaagd wordt.
De opvolger Living without your love werd een bescheiden hit. Maar daarna zou Interactive niet
meer terugkeren in de hitparades. En dat ondanks dat zij opnieuw hun bakens
verzetten en trance-platen gingen maken. Een genre dat eind jaren ’90 weer aan
een gigantische opmars bezig was.
Het DJ-duo zal echter geen moment wakker hebben gelegen van
het verder uitblijvende commerciële succes. Ze hadden het druk genoeg met hun
eigen projecten. Ramon Zenker had bijvoorbeeld nog hits als Bellini (Samba de Janeiro) en was de man achter Fragma
(Toca’s miracle). Terwijl Jens Lissat met zijn Nederlandse maatje Voltaxx vele remixen verzorgde voor onder andere tranceact Delerium.

Racoon – Blue days

Ik wil niet zeggen dat ik er gevoel voor heb. Dat ik mijn
roeping heb gemist en succesvol had moeten zijn als manager van nieuwe bands. Ik
was er ongetwijfeld schathemeltjerijk mee geworden. Want toen ik de band in
2000 voor het eerst hoorde wist ik het al: deze band, die heeft de potentie om
uit te groeien tot een van de grootste Nederlandse bands ooit!
Maar ja… fris van de HAVO moest ik zo nodig studeren. Vond
ik het kennelijk nodig om een diploma te halen. En zit ik nu met een
studieschuld in plaats van met mijn kont op een strandstoel op de Bahama’s met
een cocktailtje in mijn hand.
Ach ja… Het gaat zoals het gaat. Nu was het een ander die er
met de poet vandoor ging. Míjn poet, want ik schafte destijds blijkbaar als een
van de weinigen het singletje van Blue
days
aan. Een hartverscheurend nummer dat, ondanks dat het een 3FM Megahit
was, slecht verkocht en daardoor niet verder reikte dan de Tipparade.
In 2002 kreeg ik de kans om mijn fout van toen te
herstellen. Racoon werd aan de kant gezet door hun toenmalige platenmaatschappij
Sony. Maar in plaats van de band onder mijn hoede te nemen, koos ik ervoor om
nóg een studie te volgen. De vergissing van mijn leven, want een paar jaar
later brachten ze hun volgende album uit… in eigen beheer.
En dát album werd een gigantische hit. Het stond maar liefst
anderhalf jaar in de Album Top 100 en ook de singles van het album bereikten
vrijwel allemaal de vaderlandse hitparades. Met de single Love you more als absoluut hoogtepunt.
En de rest is geschiedenis. Optredens op Pinkpop, de
Vrienden van Amstel Live, uitverkochte theatertournees, een Nederlandstalige
single die inmiddels als een echte klassieker mag worden beschouwd, een
themanummer voor Serious Request, Bevrijdingsfestivals, Heineken Music Hall,
Ziggo Dome… Wat dát allemaal had kunnen betekenen voor mij persoonlijk!

Alizée – Moi… Lolita

Eigenlijk was ik te oud. Veel te oud. Ik zat al middenin
mijn studie en hoe jong was zij nou helemaal in 2001? Zestien jaar? Maar goed…
stiekem was ik wel een beetje verliefd op Alizée. Wat wilde je ook? Ze sprak de
taal van de liefde, danste zo prachtig en dan was het ook nog eens een pláátje
om te zien.
En ach… het arme kind had zo’n nare moeder. Dus ik stond al
klaar met mijn witte paard om naar Frankrijk te galopperen en haar mee te nemen
naar het mondaine Vaassen. Maar helaas… het is nooit wat geworden tussen Alizée
en mij. Tóch het leeftijdsverschil ben ik bang.
Uiteindelijk maar goed ook… Want op haar 19de was ze al
getrouwd en twee jaar later had ze een dochter. Dat had nóóit gestrookt met
mijn carrièreplannen. Hoewel… mijn doel was toen vooral rijk worden. En dát was
waarschijnlijk wél gelukt als ik het met Alizée had aangelegd. Het succes van
haar debuutsingle Moi… Lolita was
namelijk enorm. In Nederland kwam ze al op een verdienstelijke tweede plaats
maar in een aantal andere landen bereikte ze zelfs de hoogste positie. En met
het bijbehorende album werd ze de best verkopende Franse zangeres sinds lange
tijd.
Het internationale succes stokte echter na die eerste hit.
Met de opvolger L’Alizé behaalde ze
in Frankrijk weliswaar opnieuw de nummer één-positie maar in Nederland bleef ze
steken in de Tipparade. En ook in andere landen werd het geen hit.
De muziek die ze daarna maakte kwam niet meer verder dan de
Franse landsgrenzen. Niet dat ze het niet probeerde. Om de kans op nieuw
internationaal succes te vergroten bracht ze de singles van haar tweede album zelfs
in het Engels uit. Het mocht niet baten. Geen van de liedjes gooide hoge ogen
in het buitenland.

Ze stortte zich daarna volledig op haar gezin en het zou tot
2007 duren, voordat ze weer terugkeerde op het podium. Maar andermaal bleef
mondiaal succes uit. Wel verscheen ze nog een keer met Will.I.Am op de bühne,
als stand-in voor Britney Spears voor het nummer Scream & Shout. En zo werd ‘Britney bitch’, ‘Alizée bietch’. En
dat klonk toch een stuk minder stoer.